Selecteer een pagina

Je zou denken dat perfectie het tegenovergestelde is van imperfectie. Ik krijg deze week het inzicht dat perfectie recht tegenover kwetsbaarheid staat. Hoewel het eerder zit in de beleving dan of dit semantisch correct is natuurlijk. Hoe kun je namelijk tegelijkertijd kwetsbaar zijn terwijl je hard werkt aan een uiterlijk perfecte zelf.

Perfectie nastreven maakt kwetsbaar

Misschien ben je wel kwetsbaar juist omdat je die perfectie nastreeft: je moet het steeds beschermen en verstevigen. Je zult steeds harder moeten werken om je zorgvuldig gebouwde beeld naar buiten heel te houden. De barsten komen pas wanneer je uitgeput raakt. Zo moe. Terwijl je alleen maar doet wat je ziet dat anderen ook doen. Wat doe jij dan verkeerd, zou je zeggen.

Een leven lang jezelf verbergen, niet jezelf durven zijn, je aanpassen om ergens bij te horen maar dan zover gaan dat je jezelf kwijt raakt….tot op een dag het licht uitgaat. Je trekt het niet meer.

Omdat je lichaam het niet meer volhoudt.

Omdat je geest het niet meer volhoudt.

Omdat je innerlijke wezen schreeuwt om gezien te worden, gehoord te worden, van te gehouden te worden.

Kwetsbaarheid is de grootste uitdaging

Het allermoeilijkste aan een burn-out is misschien nog niet eens het fysieke herstel; de grootste uitdaging – nee, opdracht, is om jezelf weer open te stellen.

Zelf al die zorgvuldig opgebouwde laagjes perfectie af te pellen, om te zien wie jij ook alweer bent.

Wie je altijd al was, ondanks al je inspanningen anders te zijn.

Vervolgens met zelf-compassie die stukjes aan anderen te tonen. Die deuken, littekens maar ook jouw unieke kronkels en sprankeling. Aan mensen die jou misschien al een leven lang kennen.